Industrialfairs News

Nieuws

Dewulf Group: Alle digitale pijlen op klantencomfort - One face to the customer

09/02/2022

Bij het aanrijden via de Moorseelsesteenweg doemt de imposante staalglazen brug op, waar je onderdoor moet, om rechts het statige hoogbouwmagazijn van 7.600 m² te zien oprijzen. We zijn ditmaal te gast bij een full-liner in machines voor het telen van aardappelen en wortelgewassen. Hendrik Decramer (CEO) en Wouter Criel (Digital Manager) verwelkomen me op de espresso in de nieuwe kantoorvleugel van Dewulf Group te Roeselare.

 

 

Dewulf Group is een West-Vlaamse familiale machinebouwer, opgericht net na de Tweede Wereldoorlog. Ondertussen groeide het bedrijf met 3 vestigingen, goed voor een omzet van 86 miljoen euro en 360 medewerkers, uit tot de tweede mondiale marktspeler in haar niche. De groep met hoofdkwartier in Roeselare nam in 2014 het Nederlandse Miedema over. Dat maakte van Dewulf Group een full-liner in zowel de grondvoorbereiding als het telen en sorteren van aardappelen en knolgewassen. Eerder al - in 2006 - startte de groep met een fabriek in Brasov (Roemenië) waar componenten (las-, plooi-, plak- en laserwerk) voor de assemblageplants in België en Nederland worden gemaakt. De machines van Dewulf zijn enkel via gespecialiseerde dealers/integratoren (130 wereldwijd) leverbaar.

 

Het volledige gamma machines vanaf grondbewerking tot sorteren (grondvoorbereiding, poten, rooien, inschuren en sorteren) van aardappelen en wortelgewassen wordt in Nederland (planters en inscheurlijnen) en België (rooien) geassembleerd en ontwikkeld. Brasov is dus de interne toeleverancier van metalen constructies en componenten.

 

 

De eerste grote uitdaging na de overname van Miedema was het integreren van het product assortiment, de integratie onder 1 merk en de creatie van één full stack salesteam.

 

“Brasov is onze grootste interne toeleverancier van allerlei metalen onderdelen, die we nodig hebben. Voor de toekomst overwegen we ook daar ter plaatse een aantal low-end machines te gaan samenstellen. Subassemblage van grotere onderdelen waarbij we bijvoorbeeld daar al gaan lakken en hydraulische componenten pre-assembleren, vormt een mogelijk toekomstperspectief. In Roeselare wordt er nog gedraaid en gefreesd, maar ook daar doen we steeds meer beroep op gespecialiseerde toeleveranciers. In maart 2020 was de bezorgdheid het grootst bij de verkoopafdeling, omdat we met een flink gevuld orderboekje zaten, dat ook nog moest kunnen worden geproduceerd. Al bij al viel de organisatie van de productie en de administratie goed mee. Wij zitten met een seizoensgebonden verkoop, meer bepaald in oktober-november en februari-maart. Onze order-intake stond niet onder druk. Net zoals iedereen, lijden we momenteel onder de ontwrichting van de toeleveringsketen voor zowel elektronische als mechanische componenten. In onze home office-uitrol hebben we snel geschakeld, omdat we al op Citrix zaten (verhoging bandbreedte 50 %). Het was wel even schrikken toen we de fysieke verhuis van schermen uit de fabrieken naar de huisomgeving moesten communiceren. Reken dat er toch minstens een 100-tal mensen uit engineering, administratie en verkoop constant ingelogd moeten zijn. Voor design, programmeren en engineeren rekenen we in België en Nederland toch op 40 voltijds ingelogde medewerkers”, verduidelijkt Hendrik Decramer.

 

 

DewulfOne: een sterke digitale, geïntegreerde én klantengerichte machinebouwer

 

 

Wouter Criel, de technologische sidekick van Hendrik, gaat hier even dieper op in. “Zowel strategisch als technologisch bouwen we aan de toekomst, in eerste instantie richting klanten, in tweede instantie qua interne processen. Maar we merken steeds meer dat we parallel moeten schakelen met beide. Het nieuwe magazijn en de digitalisering (WMS) ervan was al een eerste stap. We bekijken nu vanuit onze pullstrategie hoe we het magazijn verder kunnen automatiseren en digitaliseren zodat de monteur de juiste stukken voor assemblage snel, adequaat én compleet aangereikt krijgt. DewulfOne is ons strategisch, alles overkoepelend plan voor Dewulf Group, waarbij meer specifiek DigitalOne als doel heeft om één IT-platform voor alle fabrieken en processen te ontwikkelen. Andere trajecten binnen dat plan zijn PartsOne, PlatformOne en TeamOne. Op ERP-, PLM- en configuratorniveau willen we gaan naar één geïntegreerd, solide platform, waarbij we o.a. naar 1 database voor onderdelen evolueren, futureproof-applicaties kunnen bouwen en ‘one face to the customer’ worden.” 

 

 

Robuuste, digitale backend backbone: Waarom het wiel heruitvinden?

 

Criel verduidelijkt zijn keuzes. “Onze prioriteit is een robuuste standaardsoftwarebackbone (ERP – Microsoft D365, WMS syteem en PLM – PTC Windchill) bouwen voor DigitalOne. Aangezien we historisch met teveel maatwerk zaten in onze ERP en PLM, willen we op termijn 1 uniek en robuust platform met software ontwikkelen, dat we overal en onmiddellijk kunnen uitrollen. Met de PLM willen we op termijn de machine 3D gaan simuleren en dit onmiddellijk gaan vertalen naar de logistieke flow. We stemmen onze processen af op de software dan eerder omgekeerd altijd maar maatwerk te ontwikkelen, omdat onze processen te specifiek worden. Dewulf Group gaat voor no-nonsense, betrouwbare en beproefde off-the-shelfsoftware. We vinden dat er voor backend veel betere expertise en ondersteuning is op de markt van bestaande pakketten dan dat wij ze kost wat kost  zelf moeten heruitvinden. Frontend is echter een ander verhaal. Op dat vlak is ons team met externe partners bezig om het gebruiksgemak van bestellen en configureren aan te pakken en onder controle te houden; deze expertise personaliseren we graag. API’s vormen de brug tussen de solide onderbouw en een gepersonaliseerde frontend, that’s where the magic happens”, knipoogt Criel.

 

Hendrik duidt dit verhaal wat meer vanuit strategisch standpunt. “DewulfOne fungeert sinds 6 maanden als ons strategisch plan en heeft als hoofddoel om ons als één gezicht naar onze klanten wereldwijd te profileren, gezien onze 3 vestigingen en ons breed productassortiment. Dit ongeacht of het nu over sales, reserveonderdelen of type klant gaat (de dealer of de eindklant, namelijk de teler of loonwerker).

 

 

Dewulf 2030: Think Global, Act Local & Proceed Digital

 

 

Wouter en Hendrik staan even stil bij mijn vraag hoe ze Dewulf 2030 inschatten.
“Rekening houdende met het mondiaal beperkte landbouwareaal en de gelimiteerde mankracht (grote vraag naar mechanisatie en automatisering) is het essentieel dat onze machines performant en productief zijn. Concreet betekent dit dat onze missie vereist, dat wij intern met onze mensen, onze processen en technologie ook platformmatig één organisatie worden. One mission, one brand and one platform”, filosofeert Hendrik luidop.

 

“Wij zijn nu in ons segment 2e wereldspeler na het Duitse Grimme. Bovendien kunnen we mondiaal nog altijd groeien met onze klanten: zowel de aardappelindustrie als het plantgoed zitten wereldwijd nog altijd in de lift. Wat aardappelconsumptie betreft, zijn Noord-Amerika, Europa en Rusland de klassieke markten. Maar in quasi alle groeilanden ontwikkelt zich ook een Westers eetpatroon. Vergeet niet dat China en India tot de grootste aardappelverwerkers behoren. Het rendement in voedingswaarde per hectare ligt hoger, terwijl de CO2-uitstoot lager ligt dan bij rijst bijvoorbeeld”, bedenkt Wouter Criel even. “Iedere lokale markt heeft zijn specifieke uitdagingen en distributiestructuur. We moeten dus onze producten en aanpak consequent hierop enten.”

 

 

Dewulf Challenges: Menselijke betrokkenheid, elektrificatie en robotisering

 

 

Hoe gaat Dewulf Group om met de war on talent? Decramer vindt dat het allemaal best meevalt in zijn sector. “Zoals iedereen vissen wij graag in de vijver van young potentials. Het verschil is dat we in deze wereld van machinebouw en engineering met heel wat digitale, next-leveltechnologie bezig zijn en ingenieurs, ontwerpers en IT’ers hier op een vrij zelfstandige manier dingen leren en kunnen experimenteren. Het probleem situeert zich eerder op de shopfloor zelf. Hoe vind je vandaag nog goed opgeleide en gemotiveerde monteurs? Dat is de uitdaging geworden! Wij hebben uiteraard ook onze Dewulf Academy waar we mensen op de werkvloer ook aanzetten om met suggesties, procesmatige oplossingen of productinnovaties op de proppen te komen. Wereldwijd is er zeker nog voldoende groeipotentieel in onze sector. Tegelijkertijd willen wij de machines van de toekomst aanbieden door ze efficiënter, productiever, slimmer en meer geconnecteerd te maken.”

 

 

Wie is Hendrik Decramer en wat drijft hem?

 

Hendrik Decramer, geboren in 1975, is industrieel ingenieur van opleiding en al ruim 20 jaar in de run bij Dewulf. Deze ‘Weegschaal’ kan je best omschrijven als een no-nonsense manager, ontzettend pragmatisch en zeer gefocused. Hendrik is een echt werkpaard, dat een strikte agenda bijhoudt, verpoost met het lezen van gerichte en accurate sectoractualiteit, die hij ook in no time analyseert.

 

 

Enjoy growing together: Waar blijft dat feestje?

 

 

Decramer mist de dynamiek en de interactie van het echte fysieke bijeenkomen, samenwerken en brainstormen, zowel intern met medewerkers als bij de klanten. De beurs Interpom 2021 betekende voor hem, zijn team en zijn klanten een echte opsteker na de reeksen lockdowns en het verplichte thuiswerk.

 

“Qua evenementen hebben we onze policy bijgestuurd: we staan enkel nog op gespecialiseerde nichebeurzen voor onze sector, maar niet meer op de bredere landbouwevents. De shift naar het digitale werken en vergaderen vormt voor vele medewerkers op humaan vlak een afknapper. De filosofie van fysiek samen te werken, maar ook eens een pint samen te drinken aan de bar, praten over het voetbal,… er is veel weggevallen. Kenmerkend voor ons bedrijf is onze echte ‘enjoy growing’-cultuur. Omwille van het thuiswerk hebben nieuwe mensen deze bedrijfscultuur nog niet leren kennen, de oud-medewerkers vonden dit een absolute plus en snakken terug naar die fysieke werkdynamiek. Ook de mensen uit de sales verliezen die gebruikelijke interactie met de klant, maar dat is moeilijk om in meetbare cijfers te gieten.”

 

We krijgen de nuchtere ingenieur toch zo ver dat hij zijn ‘bourgondisch kantje’ opbiecht en vertelt over zijn roadtrips, die voldoende doorspekt zijn met culinair genieten. “Een goede fles Brunello en een eerlijke, traditionele keuken uit grootmoeders boekje… meer moet dat niet zijn.”

 

Dankzij een vlugge blik op hun gsm’s word ik me ervan bewust dat Hendrik en Wouter vanavond nog wat meetings op hun agenda staan hebben. Redactioneel was het alvast een leuk tussendoortje om even buiten de comfortzone van de klassieke maakbedrijven te kleuren en ditmaal een agro-machinebouwer te mogen profileren.

 

Gerelateerd nieuws

Deze website gebruikt cookies om u een betere ervaring te bieden terwijl u deze site bezoekt. Meer info over cookies